Elia Kazan

Elia Kazanjoglou
Elia Kazan

°

07-09-1909

+

28-09-2003
winnaar

Biografie

Elia Kazan was vier jaar toen zijn Griekse ouders met hem naar New York trokken waar zijn vader een tapijtenhandel opstartte.  Nadat hij een opleiding had gevolgd aan het Williams College studeerde Elia Kazan dramaturgie aan de Universiteit van Yale en sloot zich hierna aan bij de Group Theatre, eerst als acteur, daarna als assistent-toneeldirecteur.  In 1935 regisseerde hij zijn eerste toneelstuk.  In deze beginperiode regisseerde hij het stuk ‘Waiting for Lefty’ van Clifford Odets, leidde hij toneelstukken van Arthur Miller en Tennessee Williams in goede banen en groeide stilaan uit tot één van de betere regisseurs op Broadway met stukken als ‘The Skin of Our Teeth’ (1942), ‘One Touch of Venus’ (1943), 'Jacobowsky and the Colonel’ (1944), ‘All My Sons’ (1947), ‘A Streetcar Named Desire’ (1947) en ‘Death of a Salesman’ (1949).

Kazan was uitzonderlijk ook te zien als acteur, bijvoorbeeld in de kortfilm “Pie in the Sky” (1934) van Ralph Steiner.  In deze periode regisseerde hij enkele documentaires : “The People of the Cumberland” (1937), een film over mijnwerkers in Tennessee.  En voor het Amerikaanse Ministerie van Landbouw “It’s Up to You” (1941), een docu over het rantsoeneren van voedsel.  In 1945 begon hij met het regisseren van langspeelfilms.

In 1941 was hij voor het laatst zelf te zien in een toneelstuk.  Zowel in 1940 als in 1941 was hij in een bijrolletje te zien in een langspeelfilm : “City for Conquest” en “Blues in the Night”.

In 1947 werd de fameuze Actor’s Studio opgericht waarvan Kazan één van de drie oprichters was.  Hij bleef hier aan verbonden tot in 1962.  De specifieke manier waarbij de Actor’s Studio omging met zijn acteurs – hen de mogelijkheid geven om zich maximaal emotioneel te identificeren met hun rol – nam Kazan ook mee voor de eerste langspeelfilm die hij regisseerde : “A Tree Grows in Brooklyn”, gebaseerd op het boek van Betty Smith.  Het zal James Dunn en Peggy Ann Garner in elk geval geholpen hebben om een Academy Award in de wacht te slepen.  “Pinky” sloot hier eigenlijk nauw bij aan, de film was een voor die tijd gedurfd drama over racisme waarin een belangrijke rol weggelegd was voor Jeanne Crain.

Marlon Brando was één van de gekendste leden van de Actor’s Studio en Kazan heeft er meerdere keren mee samengewerkt.  Na de Broadway-productie van “A Streetcar Named Desire” stond hij ook al in voor de regie van de filmversie van het stuk alhoewel kritische kijkers vonden dat die eigenlijk eerder een “gefilmd toneelstuk” was dan een klassieke langspeelfilm.  Andere films met de tandem Kazan-Brando : “Viva Zapata !” en “On the Waterfront”.  Het was in deze periode dat de Commissie voor onderzoek naar on-Amerikaanse activiteiten actief was.  Kazan verleende (in tegenstelling tot een aantal anderen wél) zijn medewerking en sommigen zagen in “On the Waterfront” een soort van rechtvaardiging hiervan.  “On the Waterfront” was op alle vlakken een topper.  Brando kreeg niet alleen een Academy Award voor zijn rol, Kazan kreeg de Prijs voor Beste Regie terwijl de film ook de Oscar kreeg voor Beste Film naast nog een aantal andere prijzen.

Voor de regie van “Gentleman’s Agreement”, een aanval op het antisemitisme wat toen al actueel was, kreeg Kazan een Academy Award, net als actrice Celeste Holm.

In de jaren ’50 combineerde Kazan filmwerk met toneel.  Zo stond hij in voor de regie van volgende stukken op Broadway : ‘Camino Real’ (1953), ‘Cat on a Hot Tin Roof’ (1955) en ‘The Dark at the Top of the Stairs’ (1957).  In 1963 werd hij aangesteld als adjunct-directeur van het Repertory Theatre of Lincoln Center for the Performing Arts en tekende hij voor de regie van hun eerste toneelproducties.  In 1964 hield hij het op vlak van toneel helemaal voor bekeken.

Zoals vele anderen maakte Elia Kazen ook de overgang van zwart/wit- naar kleurenfilms mee.  “East of Eden” met nieuwkomer James Dean was Kazans eerste kleurenfilm die daarenboven ook in het nieuwe grootbeeldformaat werd uitgebracht.

Hij mag dan wel geboren zijn Istanboel, de filmmaker voelde zich altijd meer Europaan dan Aziaat, iets wat zijn weerklank vond in de films “America America” en “The Arrangement”.  Die eerste film was gebaseerd op zijn eigen boek uit 1961 waarin zijn nonkel die ooit ook Turkije inruilde voor de Verenigde Staten centraal stond.  Maar ook “The Arrangement” was een verfilming van zijn tweede roman uit 1967.  Het boek mocht dan wel een succes geweest zijn, dat was de film helemaal niet…

In 1972 bracht Elia Kazan zijn derde roman uit – ‘The Assassins’ - maar hij keerde ook terug naar film door het maken van “The Visitors” over de Viëtnam-oorlog, gebaseerd op het scenario dat zijn zoon Chris had geschreven.

Hierna ging hij zich wat meer toeleggen op het schrijven van boeken en bracht naast drie romans (‘The Understudy’ (1974), ‘Act of Love’ (1978) en ‘The Anatolian’ (1982)) ook een biografie uit onder de titel ‘Elia Kazan : A Life’ (1988).

In 1983 kreeg hij in een ceremonie aan het Kennedy Center een Prijs voor zijn carrière (Life Achievement), in 1998 kreeg hij nog een Ereprijs tijdens de uitreiking van de Academy Awards.

Molly Day Thatcher was Kazans eerste vrouw waar hij mee huwde in 1932, in 1963 overleed ze.  Scenarist Nicholas Kazan was een zoon uit dit eerste huwelijk.  In 1967 trouwde hij met actrice/regisseur Barbara Loden die overleed in 1980.  In 1982 trouwde hij tenslotte met Frances Rudge.

In de jaren ’70 stond hij nog in voor het verfilmen van de klassieke roman van Scott Fitzgerald waarin Hollywood centraal stond : “The Last Tycoon”.