Rod Steiger

Rodney Stephen Steiger
Rod Steiger

°

14-04-1925
West Hampton
New Jersey
Verenigde Staten

+

09-07-2002
genomineerd Oscars ® 1955

Biografie

Rod Steiger zei op 16-jarige leeftijd de school vaarwel en sloot zich aan bij de Marine. Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende hij het vaderland op een torpedojager in de grote Oceaan. Na de oorlog verliet hij het leger en werd burgerbediende bij het Department of Dependents and Beneficiaries. Het was in deze periode dat hij als hobby ook begon te acteren bij een amateurtoneelgroep. Hij had op dat moment een GI Bill studiebeurs op zak en besliste om die aan te wenden om een toneelopleiding te volgen. Hij schreef zich in bij de Dramatic Workshop van de New School for Social Research en maakte twee jaar later de overstap naar de New York Theatre Wing en uiteindelijk zelfs de befaamde Actor’s Studio in New York. Daar leerde hij de kunst van het method acting waarbij men de klemtoon legt op het zich emotioneel maximaal identificeren met de rol die men moet vertolken. Eenmaal afgestudeerd werd hij gezien als een voorbeeld van het method acting. Hij was daarna zowel te zien in toneelstukken, op televisie als in langspeelfilms. Hij speelde de titelrol in de televisie-productie Marty waarvan later ook een langspeelfilm werd uitgebracht. Officieel was Teresa (1951) zijn langspeelfilmdebuut maar dé doorbraak kwam er door zijn rol van de oudere broer van Marlon Brando in On the Waterfront.

In Heat of the Night speelde hij een blanke politieman uit het Zuiden van de States die in zijn werk bemoeilijk wordt door het overheersende racisme waarbij het gebruik van geweld niet altijd geschuwd wordt. Als een uit de kluiten gewassen, stevig gebouwde man was Steiger de ideale acteur om figuren te vertolken die soms een gevaar betekenden voor de maatschappij (Napoleon, Al Capone, enz…). Of slachtoffers van geweld die tot het uiterste worden gedreven, zoals de rol van een overlevende uit een concentratiekamp in The Pawnbraker.

Steiger was te zien in veel verschillende filmgenres. In No Way to Treat a Lady speelde hij een pyschopaat, The Loved One was dan weer een komedie, W.C. Fields and Me een pakkend drama.

De jaren ’70 zorgden bij de acteur voor een ware ommekeer. Zijn derde huwelijk (tijdens het vorige van 1959 tot 1969 was hij getrouwd met Claire Bloom) liep op de klippen waardoor hij alleen en eenzaam achterbleef en depressief werd. Hij had ook problemen met zijn gezondheid. Hij kreeg ernstige hartproblemen in die mate dat een zware, risicovolle operatie noodzakelijk was. Op professioneel vlak bleven in het begin van de periode die hierop volgde enkel nog rolletjes in B-films over.

Oscars ® 1955 Genomineerd Beste acteur in een bijrol On the Waterfront