Rock 'n Rolla

Goed
Rock 'n Rolla
19/11/2008
2008
langspeelfilm
114 minuten
Actie

Verdeler

U.I.P.

acteur/actrice (10)

Gerard Butler →  One Two
Tom Wilkinson →  Lenny Cole
Karel Roden →  Uri
Mark Strong →  Archie
Idris Elba →  Mumbles
Toby Kebell →  Johnny Quid
Thandie Newton
Jeremy Piven
Chris Bridges
Tom Hardy

regisseur (1)

Guy Ritchie

producent (4)

Joel Silver
Susan Downey
Steve Clark Hall
Guy Ritchie
Rock 'n Rolla

Na de aangespoelde flop “Swept Away”, gedraaid voor zijn inmiddels ex-eega Madonna, en het ei zo na onder filosofische prietpraat bezweken “Revolver” grijpt Guy Ritchie terug naar het “blunderende gangsters op zoek naar een McGuffin”-subgenre. Goed nieuws dus voor de fans van “Lock, Stock & 2 Smoking Barrels” en “Snatch” die hier meer van hetzelfde voorgeschoteld krijgen. En toch smaakt het een beetje anders. Al was het maar omdat Ritchie inmiddels visueel standvastiger filmt dan in zijn debuutprenten.

Naar goede gewoonte wil Ritchie dat je vanaf het prille begin het hersenpannetje alert houdt om de kruisende verhaaldraden meester te blijven. Vooral tijdens het eerste kwartier van “RocknRolla” is het even zoeken naar het juiste hoe en waarom. Londense kingpin van dienst is de immobiliënzwendelaar Lenny Cole (alomtegenwoordige Tom Wilkinson). Hij maakt er een sport van om panden en gronden te verkopen, en er daarna via zijn invloed bij de stad voor te zorgen dat de vergunningen voor de kopers geweigerd worden. Gevolg: iedereen staat bij hem in het krijt, en hij wordt slapend rijk. Als zijn knokploegen hem tenminste niet in de steek laten.

Rock 'n Rolla

Ook kruimeldieven One Two (een geïnspireerde Gerard Butler) en Mumbles (Idris “The Wire” Elba) lopen in Coles val en kijken algauw tegen een miljoenenschuld op. Geld dat ze dan maar ergens anders halen: door de loopjongens van de Rus Uri (Karel Roden) te overvallen bv. Met dat geld ging Uri (die eveneens in zee ging met Cole) ook zijn vastgoedplan afbetalen, en al gauw zit iedereen in dezelfde geldvijver te vissen. Zorgen voor nog meer geharrewar: een sensueel bewegende boekhoudster (Thandie Newton) die de transacties tussen Uri en Cole naar zich wil toetrekken, rechterhand Archie (Mark Strong) die heimelijk hoopt dat er gauw een einde komt aan het rijk van Cole en Coles geadopteerde zoon Johnny Quid (Toby Kebbell), die door een schilderij van Uri te stelen de chaos compleet maakt…

Ritchie stopt zijn prent boordevol venijnige snoeken die in malafide wateren op zoek zijn naar persoonlijk gewin. Dat leidt naar de nodige humoristische intermezzi, en bovendien is Ritchie ditmaal opvallend karig met extreem geweld. Het meest over de top is de scène waarin Gerard Butler het pad kruist van twee testosteronrussen: de achtervolging tussen dit drietal is inventief verfilmd en vormt het hoogtepunt van de film.

Ook opvallend is een geraffineerde liefdesmontage: het bewijs dat Ritchie echt wel kaas heeft gegeten van ritme en stijl, en toch niet zomaar een regisseur is die zich steevast van hetzelfde truukje bedient. Want “RocknRolla” mag dan al geschoeid zijn op een bekende leest, Ritchie toont meer dan ooit hoe hij entertainende gangsternonsens op temperatuur kan brengen. Enkel in het laatste kwartier gaat hij verhaaltechnisch even kort door de bocht, maar tegen dan zijn de drie sterren al ruimschoots verzilverd.

Als het aan Ritchie ligt komen er trouwens nog twee “RocknRolla”-sequels, maar of dat droom blijft of daad wordt, zal de toekomst uitwijzen. Voorlopig heeft hij in elk geval de handen vol met de regie van zijn “Sherlock Holmes”-film met Robert Downey Jr. in de rol van het meesterbrein en Jude Law als elementaire rechterhand Watson. Een film die normaliter november volgend jaar in de bioscopen moet te zien zijn. Tenzij Moriarty roet in het eten gooit, natuurlijk.

Alex De Rouck