Arabesque

Gewoon
Arabesque
1966
langspeelfilm
103 minuten
romantiek
drama
komedie
actie
thriller

verdeler

acteur/actrice (10)

Sophia Loren Sophia Loren → Yasmin Azir
Gregory Peck Gregory Peck → professor David Pollock
Alan Badel
Kieron Moore
George Coulouris
Carl Duering
John Merivale
Duncan Lamont
Ernest Clark
Harold Kasket

regisseur (1)

Stanley Donen

producent (1)

Stanley Donen

director of photography (1)

Christopher Challis

scenarist (3)

Julian Mitchell
Stanley Price
Pierre Marton

beeldmonteur (1)

Frederick Wilson

artdirector (1)

Reece Pemberton

kostuumontwerper (1)

Christian Dior Christian Dior → kledij Sophia Loren

componist (1)

Stanley Donen volgde zijn Hitchcockiaans eerbetoon Charade op met het gelijkaardige zij het iets minder snedige Arabesque. Donen hoopte dat Cary Grant net als in Charade de hoofdrol wou vertolken, maar die gaf niet thuis en was toen al volop bezig met zijn pensioen. Niet dat er zich geen sterpotentieel aanbod: met Gregory Peck en Sophia Loren in de hoofdrollen waren ze bij Universal Pictures in elk geval dik tevreden.

Donen was minder enthousiast: hij wist dat het script het niet haalde bij dat van Charade en wou liever met stille trom vertrekken. Niet naar de zin van Universal wiens boodschap ongeveer klonk als ‘niet zagen, met Peck en Loren gaat het sowieso een succes worden, filmen die handel.’ Het script was in elk geval nog niet af toen de opnames van start gingen, en er werd nog hevig heen en weer geplot toen de camera’s aan het draaien waren. Donen zag voor zichzelf de kans schoon om te experimenteren met zijn filmstijl. Hij probeerde camerastanden en invalshoeken uit met als bedoeling extra flamboyante zwier te creëren zodat het krakkemikkige script niet al teveel zou opvallen.

Het bronmateriaal is de uit 1961 stammende spionageroman The Cypher van Gordon Cotler. Het script werd geschreven door Julian Mitchell en Stanley Price en gereviseerd, aangevuld en herschikt door Peter Stone, die eerder al Charade schreef. Mitchell en Price waren trouwens ook niet van de minste: de eerste zou later onder meer nog het toneelstuk Another Country en verschillende afleveringen van Inspector Morse bij elkaar schrijven, de tweede was een gerespecteerd roman- en toneelschrijver. Een toch wel eigenaardige schrijfhybride. Het script mag dan wel niet altijd helder of waterdicht zijn, het is in elk geval geestig genoeg om aan Peck en Loren de kans te geven om hun beste lichtvoetige humortoetsen van stal te halen. Lees: er zijn al veel ergere scripts verfilmd dan dit.

Peck is een professor Egyptologie die benaderd wordt met de vraag om een stukje hiëroglyfen te ontcijferen. Waardoor hij meteen een speelbal wordt in een moordcomplot en zo ook Loren als (dubbel)spionne tegen het lijf loopt. Donen bespaart niet op de actiesequenties. Of die er ook waren om de aandacht van de gaten in het script af te leiden of niet, het zorgt er wel voor dat Arabesque af en toe niet alleen naar Hitchcock maar ook naar Ian Fleming en 007 knipoogt – zie ook de door Maurice Binder ontworpen begingeneriek. Fijn escapisme dus, hoe je het ook draait of keert.

En meteen ook het filmdebuut van latere stuntcoördinator Vic Armstrong die hier van de partij is als de paardrijddoublure van Peck. Later zou hij op heel wat gerespecteerde blockbusters zijn stempel drukken – onder meer op Spielbergs initiële Indiana Jones-trilogie – en zelfs het Guinness Book Of Records halen als ‘s werelds meest productieve stuntman/-coördinator.

Alex De Rouck