David Lean

David Lean

°

25-03-1908
Croydon
Engeland

+

16-04-1991
winnaar
winnaar
2 keer een Oscar gewonnen
genomineerd Oscars ® 1947
genomineerd Oscars ® 1947
genomineerd Oscars ® 1948
genomineerd Oscars ® 1948
genomineerd Oscars ® 1956
genomineerd Oscars ® 1966
6 keer genomineerd voor een Oscar

David Lean groeide op in een strenggelovig gezin van Quakers. De overtuiging van zijn ouders hield in dat zoonlief werd ingeschreven in een specifieke Quaker school in Reading. Lang is David Lean er niet gebleven maar de afkeuring van ma en pa Lean voor Davids interesse in 'zondige, verderfelijke films' zoals zij die omschreven, zorgde er voor dat hij nog een jaartje van de filmwereld werd weggehouden door te werken in het boekhoudkantoor van zijn vader. Alhoewel hij in die periode meermaals thuis weg glipte om naar de bioscoop te gaan.

Lean is niet langs de grote poort binnengekomen in de filmwereld: toen hij in 1927 bij Gaumont aan de slag kon was dat nog als thee-jongen (jawel, de collega’s voorzien van thee…). De volgende stap was die van clapper boy (de persoon die bij een volgende take/opname een klapper toont voor de camera, net voor men begint met opnemen zodat de scène in kwestie makkelijk kan gearchiveerd en later teruggevonden worden).

Stap per stap dus werkte de Britse David Lean zich op tot assistent in de montagekamer en kon hij aan de slag als beeldmonteur bij Gainsborough. In 1930 nog enkel voor nieuwsberichten, in 1934 voor langspeelfilms als Pygmalion (1938), 49th Parallel (1941) en One of Our Aircraft Is Missing (1942). En hij deed het op zo’n overtuigende manier dat hij na een aantal jaar de best betaalde beeldmonteur van Engeland werd.

In 1942 vroeg Noel Coward hem om samen de oorlogsfilm In Which We Serve te regisseren. De film bleek heel succesvol en er volgden sterke opvolgers als Blithe Spirit, Brief Encounter en  twee verfilmingen van boeken van Dickens: Great Expectations en Oliver Twist. Deze twee laatste betekenden ook de doorbraak van acteur Alec Guinness die hierna in nog een aantal Lean-films zou te zien zijn.

David Lean bewees met de openingsscène van Great Expectations hoe belangrijk het monteren van een scène wel kan zijn en hoe je er in die film een enorme spanning kon aan toevoegen.  Zelfs zoveel jaar na datum is het specifieke stukje film iets wat nog regelmatig wordt getoond in filmscholen.

In Hobsons’s Choice haalde hij het allerbeste uit John Mills en Brenda De Banzie naar boven terwijl hij in Summer Madness/Summertime Katharine Hepburn als oude vrijster deed schitteren op het witte doek.  Voor deze film kreeg David Lean zelfs de prijs voor Beste regie van de New York Film Critics.

David Lean regisseerde hierna drie films waarin zijn tweede echtgenote Ann Todd (1949-1957) te zien was (zijn eerste echtgenote was actrice Kay Walsh (1940-1949)). De belangrijkste van de drie was ongetwijfeld The Sound Barrier/Breaking Through the Sound Barrier, een film die sterk aan een documentaire deed denken mét een sterke acteerprestatie van Sir Ralph Richardson,.

Lean zei het drama-genre vaarwel door The Bridge on the River Kwai (1957) te maken. Hij kreeg er de Oscar voor Beste regie voor en was daarmee de eerste Britse regisseur die deze eer te beurt viel. Daardoor was Lean voor velen zo’n beetje de opvolger van Cecil B. DeMille die er meer dan wie ook in slaagde om films te maken met een uitstraling van groots opgezette superproducties. Met Lawrence of Arabia (1962) volgde nog meer van dat. De film kreeg niet alleen zeven Academy Awards, het betekende voor Peter O’Toole en Omar Sharif ook de lancering van hun carrière alsook het begin van een jarenlange samenwerking met scenarist Robert Bolt en componist Maurice Jarre.

Het maken van Doctor Zhivago nam maar liefst drie jaar in beslag (!) waarbij duidelijk werd dat het omzetten van de roman van Boris Pasternak naar een langspeelfilm geen sinecure was. Na drie jaar zwoegen aan de film bleek dat het ook voor Ryan’s Daughter twee jaar zou duren voor de film kon afgewerkt worden.

Eind de jaren '70 ging het plan om Mutiny on the Bounty nog eens te verfilmen op het laatste moment niet door. David Lean was al een jaar bezig met de voorbereidingen van de film om uiteindelijk vast te stellen dat iemand anders hem maakte.

Ryan's Daughter werd absoluut niet positief onthaald en dat was er deels de reden voor dat er maar liefst veertien jaar voorbij ging voor A Passage tot India (1984) was afgewerkt. Een tweede oorzaak was dat men maar met veel moeite aan de noodzakelijke centen om de film te maken raakte, maar dat had natuurlijk veel te maken met de eerste reden. De verfilming van E.M. Forsters roman over het Engelse kolonialisme zou David Leans laatste film worden, één die maar liefst negen keer (!) genomineerd werd voor een Academy Award/Oscar.  Ongelukkig genoeg ging Milos Formans Amadeus dat jaar met de belangrijkste prijzen lopen… De film kreeg van de New York Critics de Prijs voor Beste Film.

In het jaar dat de film werd uitgebracht werd David Lean tot ridder geslagen door Queen Elizabeth.

Sir David Lean dus, die met zijn films niet zelden bijtende sociale kritiek vertaalde op het grote scherm: zo was The Bridge on the River Kwai een statement tegen oorlog, A Passage to India een kritische benadering van het kolonialisme terwijl Lawrence of Arabia dan weer de menselijke imperfectie als onderliggende boodschap had.

Lean is maar liefst zes keer getrouwd geweest, een tijd lang waren de namen van slechts vijf echtgenotes bekend. In 1989 kwam daar verandering in, ene Isabelle was de vrouw waar hij zijn enig kind mee kreeg, Peter. Kay Walsh en Ann Todd werden daarnet al vermeld. Lean verweet Todd overigens dat ze geruchten verspreidde dat hij impotent en homoseksueel was én kinderen misbruikte en dat waren precies de redenen waarom hij Engeland ontvluchtte en pas in 1984 terugkeerde. En dan was er nog Leila Matkar (1960-1978), een Indische vrouw die haar echtgenoot en twee kinderen liet staan voor Lean waarna zij op haar beurt bedrogen werd door hem die er een aantal minnaressen op na hield. Eén ervan was Barbara Cole die deel uitmaakte van de crew bij Lawrence of Arabia en Doctor Zhivago. Sandra Hotz (1981-1985) en Sandra Cooke (1990-1991) sluiten het straffe rijtje ega's af.

In 1990 kreeg David Lean van het American Film Institute de 18e Life Achievement Award.

Een jaar later stierf hij een natuurlijke dood. Op dat moment was hij bezig met de voorbereidingen van een film met de titel Nostromo waarin Marlon Brando een rol zou vertolken. De film had het boek van Joseph Conrad met dezelfde naam als basis.

Oscars ® 1966 Genomineerd Regie Doctor Zhivago
Oscars ® 1963 Gewonnen Regie Lawrence of Arabia
Oscars ® 1958 Gewonnen Regie The Bridge on the River Kwai
Oscars ® 1956 Genomineerd Regie Summertime
Oscars ® 1948 Genomineerd Regie Great Expectations
Genomineerd Beste scenario Great Expectations
Oscars ® 1947 Genomineerd Beste scenario Brief Encounter
Genomineerd Regie Brief Encounter

Quotes - citaten

  • "I hope the money men don't find out that I'd pay them to let me do this. Inside every Lean film there is a fat film screaming to get out."
  • "I wouldn't take the advice of a lot of so-called critics on how to shoot a close-up of a teapot."
  • "Actors can be a terrible bore on the set, though I enjoy having dinner with them."

Beelden prijsuitreiking(en)

Video 1 : 1963 - David Lean wint Academy Award/Oscar in de categorie Regie voor Lawrence of Arabia.
Video 2 : 1958 - David Lean wint Academy Award/Oscar in de categorie Regie voor The Bridge on the River Kwai.